|
Illegale bewoning van recreatiehuizen blijft verboden |
|
|
|
|
Geschreven door Webmaster Nieuwe Lijn
|
|
maandag, 26 september 2011 10:39 |
|
Begin september 2011 hebben verschillende rechters van de Rechtbank Zutphen in vier uitspraken bevestigd dat permanente bewoning van zomerhuizen in de gemeente Epe niet is toegestaan. Nieuwe Lijn denkt dat duidelijkheid hierover in ieders belang is.
Ondanks een scala aan ingebrachte argumenten oordeelden de rechters dat de gemeente terecht optreedt tegen deze illegale bewoning en dat de overtreders het onjuiste gebruik moeten staken. Met deze vier uitspraken wordt duidelijk hoe de rechters oordelen over de verdediging van een aantal inwoners over hun handelen.
Het onderwerp van de permanente bewoning roept bij heel veel mensen emoties op. Van de bewoners die menen dat zij ten onrechte door de overheid beperkt worden in hun woonmogelijkheden en vrijheid van keuzen. Maar er zijn ook inwoners in onze gemeente die vinden dat het hier gaat om overtreders van democratisch vastgestelde bestemmingsplannen. Vaak wordt aan de discussie extra dimensie toegevoegd door verwijzingen naar de financiële gevolgen van de aanpak voor gemeente en inwoners. Of naar de veronderstelde onwetendheid van illegale bewoners. Dan weer gaat het om de zielige situatie waarin ouderen of zieken zichzelf hebben gebracht.
Eerdere uitspraken bevestigen gemeentelijke aanpak Zowel de Rechtbank Zutphen en de Raad van State hebben al eerder uitspraken gedaan over illegale bewoning en de aanpak van de gemeente Epe. Toch zijn de recente uitspraken van de Rechtbank belangrijk. Een aantal veel gehoorde argumenten zijn door de verschillende rechters nadrukkelijk beoordeeld. De Rechtbank geeft aan dat de gemeente Epe al vanaf 1980(!) een beleid voert om geen permanente bewoning toe te staan. Op 4 maart 1981 is dit op behoorlijke wijze kenbaar gemaakt en sindsdien in alle gemeentelijke bestemmingsplannen opgenomen. Zowel op 16 december 2004 en op 30 oktober 2007 is nogmaals expliciet besloten om het verbod op permanente bewoning van recreatiewoonverblijven onverminderd door te zetten. In 2009 heeft de Rechtbank Zutphen en de Raad van State dit bevestigd en geoordeeld dat de gemeente Epe terecht de overtredingen bestrijdt.
Tijdens de behandeling van de vier bezwaren zijn door een advocaat en een Eper makelaarskantoor een groot aantal argumenten aangedragen waarom de gemeente Epe in deze vier zaken niet zou mogen handhaven. En waarom naar hun mening de bewoners wel in hun zomerhuizen mogen blijven wonen. Niet één van de aangevoerde argumenten is door de Rechtbank overgenomen.
• Zo werd gesteld dat bij inschrijving van de Gemeentelijke Basis Administratie de bewoners in 2000 en 2002 een onduidelijk briefje meekregen. (De gemeente is wettelijk verplicht mensen in te schrijven, ook al is dat op een onrechtmatig adres). De Rechter meent dat er geen rechten kunnen worden ontleend aan een briefje, hoe verwarrend dat ook moge zijn.
• Ook meende de Rechter dat de uitlatingen van voormalig wethouder J.W. Lagerweij over het al dan niet intensief handhaven niet afdoen aan het handhavingsbeleid van de gemeente.
• Een bewoonster voerde aan dat de gemeente niet zou mogen handhaven vanwege haar leeftijd en gezondheidstoestand. De Rechtbank vindt dat dit geen bijzondere omstandigheden zijn waardoor van handhaving moet worden afgezien.
• Een bezwaarde voerde aan dat in zijn omgeving wel mensen een persoonlijke gedoogbeschikking hebben gekregen. De Rechtbank oordeelde dat deze rechtmatig afgegeven beschikking in 1994 niet vergelijkbaar was met de situatie van de bezwaarde.
• De verwijzing naar het beleid van andere gemeenten en een Wetsontwerp over onrechtmatige bewoning vond evenmin gehoor: gemeenten zijn autonoom (dit is zelfstandig, de gemeenteraad is zelf baas) en de aangekondigde Wet is nog niet in werking getreden en is volgens de rechter ook niet op afzienbare termijn voorzien.
• Ook werd aangevoerd dat de woning van een bezwaarde gelegen is op park “De Beekhorst” in Epe en volgens hem naar aard, inrichting, constructie en voorzieningen niet als een recreatiewoning is te beschouwen. De Rechtbank is van mening dat het door de gemeenteraad vastgestelde bestemmingsplan bepalend is.
Toch succes voor de bewoners Ondanks de voor de bewoners ongetwijfeld teleurstellende uitspraken was er voor hen toch nog enig succes. De Rechtbank meende dat de gemeente Epe in eerste instantie een onvolledige motivering heeft opgesteld en dat op dit punt de bezwaarden in het gelijk worden gesteld. Hoewel zij hun woningen wel moeten verlaten behoeven zij geen griffierechten (administratiekosten van de rechtbank) te betalen. Wanneer dit van toepassing is krijgen zij een deel van hun advocaatkosten vergoed. In één geval besloot de Rechtbank dat de overtreder een langere begunstigingstermijn (tijd om overtreding te beëindigen) krijgt: niet 3,5 jaar maar 4 jaar.
Nieuwe Lijn realiseert zich dat de uitspraken zeer kort en niet volledig zijn weergegeven. Wie deze vier uitspraken zelf wil nalezen zoekt via internet via “Uitspraken Rechtbank Zutphen Epe september 2011” en kan via “zoeken in uitspraken” ze alle vier vinden. |